Een "loperig" paard/ vluchtgedrag onder het zadel:

Onder een "loperig paard" verstaan we dat een paard heel snel over zijn tempo wilt gaan lopen, de meeste paarden doen dit om geen gewicht op de achterbenen te hoeven dragen.De bouw speelt hierbij ook een grote rol evenals karakter.Paarden die een vrij horizontale bouw hebben, met een horizontale hals zullen over het algemeen loperiger zijn dan paarden die een meer opwaartse bouw hebben.Let wel, paarden die niet loperig zijn, zijn niet per defenitie lui maar hebben een ander bewegingsmechanisme wat in sommige gevallen erg nuttig kan zijn.Het is maar net hoe er mee omgegaan word.

Maar goed, dat geldt voor de loperigheid ook, je moet het zo zien dat als een horizontaal gebouwd dier zijn achterbeen eronder zet hij een pas naar voren maakt, dan valt hij in feite op de voorhand.Maar om niet om te vallen zal het dier steeds erg naar voren moeten lopen en moeten blijven mits hij in balans gereden word.

Hoe je dat doet staat beschreven bij het voorwaarts/neerwaarts rijden, omdat je bij het voortwaarts/neerwaarts rijden ook vaak de loperigheid tegenkomt.De kunst is om het paard zo in balans te laten lopen dat hij de voorwaartse stuwing van de achterhand meer omhoog gaat brengen.Dan gaat ie zichzelf meer dragen en zal hij niet meer zo hard hoeven lopen om niet om te vallen.Bij sommige paarden vinden er dan spectaculaire veranderingen van de gangen plaats.{ruimer!}Een paard die wat horizontaler gebouwd is, kan beter niet te diep en/of te laag lopen met het hoofd want dan is het moeilijker voor het dier om in balans te lopen.Een goede graadmeter blijkt altijd weer te zijn dat het "neusje eruit" moet zijn.

   Correcte voorwaarts/ neerwaarts waarbij het paard het gewicht evenredig verdeelt heeft over voor en achterhand. Dat noem je Horizontaal Evenwicht.


vvv

Hier zien we een paard die te diep loopt, ook is er geen verbinding met de ruiterhand want de teugels hangen los.In dit geval moet er been gegeven worden zodat het paard het hoofd omhoog brengt, de ruiter moet de teugels iets oppakken en meegaan met de hand naar voren toe, tegelijk met het been geven.Zonder de boogjes in de teugels en zonder een terug werkende ruiterhand.