Invloed van de bouw:

 

Op welke manier heeft de bouw van het paardenlichaam invloed op het karakter en het gedrag? De verhoudingen van het paardenlichaam bepalen de balans, beweging en het atletisch vermogen en de lichamelijke balans heeft weer invloed op het geestelijke evenwicht.

Wanneer een paard bijvoorbeeld een tekortkomingen heeft worden zijn atletisch vermogen en zijn zelfvertrouwen belemmerd. Het is zeer nuttig als je de 'ideale' lichaamsbouw direct kunt herkennen, net zoals het herkennen van tekortkomingen, die prestaties van het paard zouden kunnen beinvloeden.

Wanneer een ruiter in staat is om het 'kunnen' van een paard te evalueren aan de hand van zijn bouw, zullen vele gevechten en een hoop verzet worden voorkomen. Dit verzet ontstaat vaak als een paard wordt gedwongen om prestaties te leveren waartoe het eigenlijk niet in staat is. Het gevolg is vaak dat het karakter van het paard verkeerd beoordeeld wordt.

 

De ideale lichaamsbouw:

 

Deze verhoudingen zijn een manier om na te gaan of een sportpaard een ideale bouw heeft. De schouder wordt gemeten van de schoft tot aan het borstbeen. De rug wordt gemeten vanaf het midden van de romp (achter het schouderblad) tot aan de flank. Het hoofd wordt gemeten vanaf het topje van de maantop tot aan de bovenlip, aan de rand van de mond. Het kruis wordt gemeten van af de punt van de heup tot over de punt van de bil, naar de centrale lijn onder de staart.

Dit varieert per ras, en in de honderden paarden die Linda Tellington Jones heeft opgemeten kon het kruis soms tot 10cm korter zijn dan andere afmetingen. Dit leek echter totaal geen invloed te hebben op het atletisch vermogen. De hals wordt gemeten van achter de oren tot aan de voorkant van het schouderblad wanneer de hals recht, en niet opgeheven is.

Wanneer het paard alleen wordt gebruikt voor recreatie, doet de afmeting van de hals er minder toe. Wanneer het paard echter uitzonderlijk sportieve prestaties moet leveren, moet de hals dezelfde lengte hebben als de schouders, het hoofd, en de rug.

De hoek van het midden van de kogel door het midden van de koot en de hoef moet gelijk zijn aan de hoek van de schouder, wanneer deze hoeken niet gelijk zijn, kunnen stijfheid en pijn het gevolg zijn, waardoor onwilligheid, beenproblemen en verzet kunnen volgen.

Op deze foto is goed te zien dat de hoek van de schouder gelijk staat aan de hoek die door het midden van de koot en de hoef gaat. Dit zijn de blauwe lijnen op de foto. Wanneer deze lijnen dus niet gelijk zijn kunnen ze veel problemen veroorzaken in het gedrag.

Met de rode lijnen heb ik aangegeven welke verhoudingen gelijk moeten zijn, wil je een paard hebben met echt een ideale bouw zonder enige beperking.

Op de foto is een fjord te zien waarop hij zijn hoofd iets buigt, daardoor is de rode lijn in zijn hals nu erg kort, normaal is deze iets langer. Nog steeds heeft hij in verhouding met de rest van zijn lichaam een kortere hals. Voor de recreatie is dit dus niet zo erg en is het belangrijker dat de hoek van de schouder en de hoek van het midden van de kogel door de hoef gelijk is. Dit is op de foto goed te zien.

 

Voor meer informatie over de verschillende invloeden van een bepaalde bouw verwijs ik u graag door naar deze website:

http://www.karakteranalyses.nl/page10.html