Achter de teugel kruipen:

Achter de teugel kruipen is een moeilijk probleem, het paard wil namelijk het bit niet aannemen.Dat kan verschillende redenen hebben, allereerst dient uitgesloten te worden of het paard pijn heeft in de mond en/of rug.Vaak kruipt een paard achter het bit om zich te onttrekken aan de verbinding, of soms om zich te ontrekken aan een strenge ruiterhand.Het paard drukt zijn rug weg als hij achter het bit kruipt en de ruiter heeft niet zoveel meer te vertellen.

Hoe is dat op te lossen?

De ruiter lost dat op door het paard heel erg van achteren naar voor naar het bit toe te rijden, met de handen gebeurt er niets.Die hoeven alleen maar mee te gaan als de juiste verbinding bereikt is, het paard moet eerst leren voorwaarts/neerwaarts te lopen.(zie hoofdstuk Aanleuning)

Als het paard correct voorwaarts/neerwaarts kan lopen dan kan er gewerkt gaan worden aan de lengtebuiging/rechrichten.

In feit wordt het paard opnieuw opgeleidt, als het paard correct voorwaarts/neerwaarts kan lopen dan gebruikt het dus de rug goed en laat het de hals vallen.Bij een paard die erg graag achter de teugel kruipt is het NOG belangrijker dat het neusje er goed uit komt.Dat is namelijk het meetpunt voor de verbinding, paarden die er snel achter kruipen en/of zich oprollen in de hals,hoeven namelijk maar een fractie de neus er niet uit te hebben om zich weer te kunnen onttrekken aan de verbinding.

Dat is nu precies waarom dit zo'n moeilijk probleem is.Ieder moment dat het dier weer iets moet doen wat het moeilijk vindt, bijvoorbeeld een overgang terug maken op het achterbeen, zal het weer proberen om de verbinding wat te ontduiken.Deze paarden dienen dus nog meer van achteren naar voren gereden te worden, in alle overgangen ,ook de overgangen terug en in alle oefeningen.

Wat er gedaan kan worden om het makkelijker te maken voor deze paarden, is deze paarden sterker maken in de rug en achterhand.Dat is een kwestie van goed voorwaarts/neerwaarts rijden zodat het paard goed in balans z'n gewicht verdeeld over alle 4 de benen.En als dat bevestigt is dan kan de ruiter daar wat in gaan schakelen met subtiele tempowisselingen waarbij het belangrijk is dat het paard zich niet ontrekt aan de verbinding door zich op te drukken, of weer iets achter het bit te kruipen.Bij deze paarden is het belangrijk dat de draagkracht meer ontwikkeld zal worden. Hoe sterker ze worden in het dragen, hoe minder ze zich proberen te ontrekken omdat ze beter in staat raken het gevraagde uit te voeren. Dit is geen kwestie van maanden, maar eerder een kwestie van jaren. Een goede basistraining kost veel tijd maar naderhand zullen hier de vruchten van geplukt worden. Terwijl ruiters die stappen overslaan in de basistraining altijd ergens zullen stranden. Als iets niet lukt, ga altijd een stapje terug en blijf aan die basis werken keer op keer.

Hier een paard wat achter de teugel kruipt door zich op te krullen in de hals, en zelf de kin naar de borst te brengen. Je ziet dat de teugels los hangen en het paard dit dus doet om zich aan het contact te "ontrekken".